
|
Amsterdamse School
In de jaren '10 en '20 van de twintigste eeuw werd in Amsterdam, maar ook in andere delen van Nederland, veel gebouwd in een expressieve baksteenarchitectuur die bekend staat als 'Amsterdamse School'. De stijl kent een sculpturale vormentaal en rijk kleurgebruik.
Van der Mey, Kramer en de Klerk De voornaamste architecten van de Amsterdamse School waren Jo van der Mey, Piet Kramer en Michel de Klerk. Zij hadden alle drie bij architect Eduard Cuypers gewerkt en richtten in 1910 hun eigen bureau op. Tussen 1912 en 1916 ontwierpen zij het Scheepvaarthuis in Amsterdam. De door scheepvaart geďnspireerde gevelversieringen en maritieme motieven waren zeer fantasierijk. Ornamenten en beeldhouwkunst droegen bij aan het idee dat een gebouw een geheel moest vormen, niet alleen in stijl en constructie, maar ook in de decoratie. Het Scheepvaarthuis is het eerste en wellicht het beste voorbeeld van een dergelijk Gesamtkunstwerk van de Amsterdamse School. expressieve dynamiek De architecten van de Amsterdamse School zagen vooral expressieve dynamiek als trefwoorden van de moderne tijd, waren niet wars van ornamenten en beschouwden schoonheid als een eerste vereiste voor hun ontwerpen. Zij verschilden hierin van H. P. Berlage, die met zijn rationele Beursgebouw (1896-1904) het tijdperk van de moderne architectuur had ingeluid. Voor Berlage waren eenvoud, soberheid en constructieve logica het antwoord op de zoektocht naar moderne architectuur. Toch zijn er stilistische overeenkomsten: het gebruik van baksteen als het voornaamste bouwmateriaal en het accentueren van belangrijke punten met natuursteen, bijvoorbeeld. arbeiderspaleis Wat de Amsterdamse Schoolarchitecten ook met Berlage gemeen hadden, was de rationalistische benadering van hun architectuur en de wens om het stedelijk bouwblok als maatgevende eenheid op te vatten (in plaats van de afzonderlijke woning). Dit hangt samen met de woningwet die in 1902 van kracht werd en die allerlei sociale, hygiënische en technische eisen dicteerde waaraan woningbouw moest voldoen. Steden werden gedwongen om orde op zaken te stellen en de vaak erbarmelijke leefomstandigheden van arbeiders te verbeteren. De beste voorbeelden van de Amsterdamse School zijn dan ook te vinden in woongebouwen, met name voor de woningbouwverenigingen De Dageraad en Eigen Haard. Hiernaast was de gemeente Amsterdam, met Allard Hulshoff als stadsarchitect, een belangrijke opdrachtgever. Hierdoor zijn veel Amsterdamse bruggen gebouwd in de stijl van de Amsterdamse School. Het woningbouwproject De Dageraad van Michiel de Klerk is een goed voorbeeld van zo'n 'arbeiderspaleis'. De Dageraad staat in het beroemdste uitbreidingsplan van die tijd, Berlages Plan Zuid. Van de gesloten bouwblokken die in dit plan voorkomen, zijn de afzonderlijke gevels door verschillende architecten ingevuld in Amsterdamse Schoolstijl. 'Wendingen' De Amsterdamse School had een spreekbuis in het tijdschrift Wendingen. Het blad belichtte gebouwen in de 'huisstijl' van de architecten, maar maakte ook het werk van bijvoorbeeld Frank LLoyd Wright bekend in Europa. Deze architect heeft veel invloed gehad op Nederlandse architectuur uit die tijd. De Haagse School is bijvoorbeeld een variant op de Amsterdamse School, waarin dakpannen en baksteen expressief werden toegepast - maar geordend in kubistische bouwblokken, wat de invloed van Wright verraadt. Drijvende kracht achter het blad was H.Th. Wijdeveld. De Amsterdamse School-stijl is onder meer te vinden in Amsterdam (onder andere Het Scheepvaarthuis, De Dageraad, het Schip en tuindorp Nieuwendam), Den Haag (De Bijenkorf), Groningen (onder andere Oosterparkbuurt en Bloemenbuurt) en Bergen (Park Meerwijk).
|
||||||||||
|
Hoofdsponsors Architectenweb: (overzicht alle sponsors)
Copyright Architectenweb BV © 2001-2010
|
||||||||||